Van superapp naar smart agent: waarom AI het einde van WeChat kan betekenen

brand
businesspeople using social media

Van superapp naar smart agent: waarom AI het einde van WeChat kan betekenen

WeChat is het meest succesvolle digitale platform ter wereld. Meer dan 1,4 miljard mensen gebruiken de app dagelijks voor alles: chatten, betalen, winkelen, taxi’s boeken, overheidsdiensten regelen. Het is de ultieme superapp. Elon Musk noemde WeChat expliciet als voorbeeld toen hij Twitter omdoopte tot X. Meta probeert WhatsApp uit te bouwen tot een alles-in-één-platform in India. Grab doet hetzelfde in Zuidoost-Azië.

Maar terwijl de rest van de wereld het superapp-model probeert te kopiëren, verschuift het speelveld. Kunstmatige intelligentie – en specifiek de opkomst van autonome AI-agenten – draait de hele logica van de superapp om. Niet jij stapt het platform binnen. Een digitale assistent doet dat namens jou, dwars door alle platforms heen.

Hoe het superapp-model werkt

De logica achter een superapp is simpel en krachtig. Eén app wordt de centrale toegangspoort tot het digitale leven van de gebruiker. In plaats van tientallen losse apps – een voor berichten, een voor betalingen, een voor winkelen, een voor vervoer – doe je alles binnen één ecosysteem. Voor de gebruiker betekent dat gemak. Voor het platform betekent dat controle.

WeChat perfectioneerde dit model. De sleutel was de betaalfunctie. Zodra WeChat Pay in 2014 doorbrak, werd de app onmisbaar. Als je betaalt via WeChat, bestelt via WeChat en communiceert via WeChat, waarom zou je dan ooit de app verlaten? Vervolgens opende Tencent het platform voor externe ontwikkelaars via Mini Programs: kleine applicaties die direct binnen WeChat draaien, zonder aparte installatie. Er zijn inmiddels meer dan 4,3 miljoen van deze mini-apps, en naar schatting 95 procent van de Chinese bedrijven heeft er een.

Het bedrijfsmodel is helder: wie de voordeur bezit, bepaalt de regels. WeChat beslist welke diensten zichtbaar zijn, hoe ze worden aanbevolen en welk percentage van elke transactie naar het platform gaat. Bedrijven betalen voor zichtbaarheid binnen het ecosysteem van iemand anders. Gebruikers krijgen gemak, het platform krijgt data en inkomsten. Dat vliegwiel draait al meer dan tien jaar.

Waarom het kopiëren van WeChat in het Westen mislukt

Op papier klinkt het aantrekkelijk. In de praktijk is elke westerse poging om een superapp te bouwen tot nu toe gestrand.

Het meest zichtbare voorbeeld is X, het voormalige Twitter. Musk zei bij de overname in 2022: “Als je in China bent, leef je min of meer op WeChat. Het doet alles.” Zijn plan was om X om te bouwen tot een vergelijkbaar alles-platform met betalingen, winkelen en financiële diensten. Drie jaar later is de balans toch wat anders. X brengt naar schatting de helft van de oorspronkelijke advertentie-inkomsten binnen. Het platform kampt met herhaaldelijke storingen. In maart 2025 werd X ingelijfd als dochteronderneming van Musks AI-bedrijf xAI – niet als superapp, maar als leverancier van trainingsdata voor het taalmodel Grok.

De oorzaken liggen dieper dan slecht management. Westerse markten zijn structureel anders dan de Chinese. Betaalsystemen als iDEAL, Apple Pay en Google Pay zijn al breed geadopteerd. De app-markt is gefragmenteerd en volwassen. Gebruikers zijn gewend aan keuzevrijheid. Privacywetgeving als de AVG en de Digital Markets Act maken het juridisch lastig om alle data en diensten in één platform te concentreren. En waar WeChat kon groeien zonder concurrentie van Facebook of Google (die geblokkeerd zijn in China), moet elke westerse superapp-poging opboksen tegen gevestigde spelers op elk deelterrein.

Maar er is een fundamenteler probleem. Het is niet alleen moeilijk om een superapp te bouwen in het Westen. De vraag is of het überhaupt nog de juiste ambitie is.

De interface wordt overbodig door AI-agents

In januari 2026 publiceerde betalingsplatform PYMNTS een analyse die de kern raakt. De superapp centraliseert de gebruiker binnen één ecosysteem – jij stapt naar binnen en kiest uit wat het platform je aanbiedt. Een AI-agent draait die logica om. Jij stuurt een digitale assistent op pad die namens jou zoekt, vergelijkt en handelt, dwars door alle platforms, winkels en diensten heen. De agent werkt niet voor het platform. De agent werkt voor jou.

Concreet: je vraagt je AI-agent om een weekendtrip naar Lissabon te plannen voor maximaal 750 euro, met directe vluchten en een hotel in het centrum. De agent doorzoekt vervolgens vliegmaatschappijen, hotelplatforms, vervoersdiensten en restaurantgidsen. Niet binnen één app, maar over alle beschikbare bronnen. De agent kent je voorkeuren, vergelijkt eerlijk en voert de boeking uit. Geen enkele superapp is nodig als tussenpersoon.

Dit is allesbehalve toekomstmuziek. In 2025 lanceerden alle grote technologiebedrijven AI-agenten die steeds zelfstandiger taken uitvoeren. OpenAI bracht Operator uit, een agent die namens gebruikers door websites navigeert, formulieren invult en transacties afrondt. Google lanceerde Agentspace voor zakelijke toepassingen. Anthropic ontwikkelde het Model Context Protocol (MCP), een open standaard waarmee AI-modellen gestandaardiseerd kunnen communiceren met externe tools en diensten. Google volgde met het Agent2Agent-protocol, waarmee agenten onderling kunnen samenwerken. En toen kwam open source ClawBot wat je (op eigen risico overigens!) zelf kunt draaien en verbinden met Claude.

Er is een verschuiving op komst: onderzoeksbureau Gartner meldt dat 40 procent van alle zakelijke software in 2026 taakgerichte AI-agenten bevatten, tegenover minder dan 5 procent in 2025. De markt voor AI-agenten groeit naar verwachting van 7,6 miljard dollar in 2025 naar 47 miljard dollar in 2030.

WeChat zelf omarmt AI al jaren

Ironisch genoeg begrijpt WeChat dit beter dan wie ook. De app gebruikt al jaren kunstmatige intelligentie als onzichtbare motor achter het platform. Tencent zet AI in voor spraakherkenning (essentieel in een taal met duizenden karakters), voor inhoudsmoderatie op schaal van meer dan een miljard gebruikers, voor gepersonaliseerde aanbevelingen in de sociale feed Moments en videoplatform Channels, en voor gezichtsherkenning bij betalingen.

In 2025 lanceerde Tencent Yuanbao, een AI-assistent gebouwd op het eigen Hunyuan-taalmodel, diep geïntegreerd in het WeChat-ecosysteem. De data van 1,4 miljard gebruikers – hun gesprekken, aankopen, zoekopdrachten, sociale interacties – vormen een vliegwiel dat geen concurrent kan evenaren. Hoe meer gebruikers, hoe betere data, hoe slimmere AI, hoe betere gebruikerservaring, hoe meer gebruikers. Tencent noemt dit intern “Social AI” en beschouwt het als de kern van hun concurrentiepositie.

Maar hier zit ook de crux dus: WeChat gebruikt AI om het gesloten ecosysteem te versterken en de Chinese voorsprong te vergroten. De bredere ontwikkeling van AI-agenten gaat juist de andere kant op: naar open protocollen en platformonafhankelijke assistenten die de gebruiker bevrijden van welk ecosysteem dan ook.

Superapp vs AI-agent

De tegenstelling tussen superapps en AI-agenten gaat verder dan technologie. Het zijn twee fundamenteel verschillende visies op de organisatie van de digitale wereld.

  • Het superapp-model is platformgericht. Het platform bezit de relatie met de gebruiker, beheert de data, bepaalt welke diensten zichtbaar zijn en verdient aan elke interactie. Bedrijven die hun diensten aanbieden via het platform zijn afhankelijk van de regels en tarieven die de platformeigenaar stelt. De gebruiker krijgt gemak in ruil voor afhankelijkheid.
  • Het AI-agentmodel is gebruikersgericht. De agent werkt in opdracht van de gebruiker, niet van een platform. De agent doorzoekt meerdere aanbieders, vergelijkt op basis van persoonlijke voorkeuren en is niet gebonden aan één ecosysteem. Bedrijven concurreren op kwaliteit en prijs, niet op plaatsing binnen een platform. De gebruiker krijgt keuzevrijheid in ruil voor het vertrouwen dat de agent eerlijk handelt.

Voor bedrijven heeft dit directe gevolgen. In een superapp-wereld investeer je in zichtbaarheid binnen het platform: je bouwt een Mini Program, je koopt advertentieruimte, je past je aan de regels van het ecosysteem aan. In een wereld van AI-agenten investeer je in vindbaarheid voor machines: gestructureerde data, duidelijke productinformatie, betrouwbare reputatie. Niet de platformeigenaar bepaalt of je gevonden wordt, maar de kwaliteit van je aanbod.

Dit raakt direct aan wat in de digitale marketing steeds vaker Generative Engine Optimization (GEO) wordt genoemd: het optimaliseren van je online aanwezigheid niet alleen voor zoekmachines, maar voor AI-systemen die namens gebruikers beslissingen nemen.

Wat dit nu betekent voor Europese bedrijven

Voor Nederlandse en Europese bedrijven is de verschuiving van superapps naar AI-agenten om drie redenen relevant.

  • Ten eerste bevestigt het dat het superapp-model voor Europa waarschijnlijk een doodlopende weg is. De combinatie van strenge privacywetgeving, gefragmenteerde markten en gevestigde concurrentie maakt een Europese WeChat onwaarschijnlijk. Dat is geen achterstand – het is een andere marktstructuur die beter aansluit bij het open, gedistribueerde model van AI-agenten.
  • Ten tweede verandert het de manier waarop bedrijven gevonden willen worden: GEO. Als AI-agenten steeds vaker namens consumenten zoeken, vergelijken en kopen, dan wordt de kwaliteit van je digitale informatie belangrijker dan je positie binnen één platform. Gestructureerde productdata, consistente bedrijfsinformatie, transparante prijzen en betrouwbare recensies worden de nieuwe randvoorwaarden.
  • Ten derde verschuift de machtsbalans. In het superapp-model heeft het platform de macht. In het AI-agentmodel verschuift die macht terug naar de gebruiker en naar de AI-dienst die de agent levert. Voor bedrijven betekent dat minder afhankelijkheid van één platformeigenaar, maar ook nieuwe afhankelijkheden van de AI-systemen die bepalen welke aanbieders worden aanbevolen.

Het einde van de voordeur

WeChat blijft een fascinerend en succesvol platform. Binnen China zal het zijn dominante positie voorlopig behouden, versterkt door de AI-investeringen van Tencent. Maar als blauwdruk voor de toekomst van digitale platforms verliest het aan relevantie.

De afgelopen tien jaar draaide de digitale economie om de vraag: wie bezit de voordeur? Welk platform wordt de plek waar consumenten binnenkomen? WeChat gaf het meest overtuigende antwoord. Maar AI-agenten maken de voordeur zelf overbodig. De consument hoeft nergens meer naar binnen – de agent gaat overal namens hem naartoe.

Dat verandert niet alleen hoe we apps gebruiken. Het verandert hoe bedrijven concurreren, hoe platforms verdienen en hoe markten functioneren. De superapp was het antwoord op de chaos van tientallen losse apps. De AI-agent is het antwoord op de beperkingen van de superapp.

Voor bedrijven die nu hun digitale strategie bepalen, is de les helder: investeer niet in het bouwen of betreden van de volgende superapp. Investeer in het zichtbaar en betrouwbaar zijn voor de AI-agenten die steeds vaker namens je klanten beslissen.

Thomas Lapperre

Eigenaar Bloeise. Neemt altijd de zakelijke insteek. Schrijft over organisatie, IT infrastructuur en innovatie. Voor digitale bureaus, IT-bedrijven en mkb-bedrijven. Link met mij op LinkedIn.
Alle artikelen van Thomas Lapperre

Reacties

0 Reacties